WILDESHAUSEN
Tekst en foto’s: Leo Kurth
Vertaling: Wilma van Nunen-M kkers
“Wildeshausen, te mooi om daaraan voorbij te snellen.”

Uitgever - VVV Wildeshausen - In het historische Raadhuis
Tel. 04431-6564 - Fax: 929264

“Wildeshausen, te mooi om daaraan voorbij te snellen.”

Rondleiding door de binnenstad
Wij beginnen onze rondleiding door Wildeshausen aan de Burgberg in het Kurpark.De geschiedenis van Wildeshausen haalt ons dadelijk in.
 

  • 1.Burgberg:
  • AanBlick v. Burgb de middeleeuwse burcht van Wildeshausen, gebouwd eind 12e eeuw door de graven van Oldenburg-Wildeshausen, herinnert slechts de Burgberg, waarop in wisselende vorm een burcht stond. De nabijgelegen Hunte had hier eens meerdere armen, en een ervan stroomde dicht aan de Burgberg voorbij. Twee spoorbruggen over de met Huntewater gevoede burchtgrachten, beveiligden het wonen en de waterkering.
  • In 1529 hielden de “Munsteranen” de stad en de berg bezet. Ze sloten de raadsleden en ook burgemeester Lickenberg in de toren op. In de 17 de eeuw raakte de burcht steeds meer in verval. In 1789 brak men de laatste resten, de toren, af. De burchtheuvel bleef tot nu toe behouden.
  • Na de eerste wereldoorlog richtte men op de heuvel een gedenkteken voor de oorlogsslachtoffers op, na de tweede wereldoorlog werden de namen van de slachtoffers van deze oorlog hieraan toegevoegd. Vanaf de Burgberg kijken we uit over het uitgestrekte kuurpark met terras bij de bron en concertschelp, waar in de zomer zondags regelmatig concerten plaatsvinden. Boven de nabijgelegen Hunte is de blik gericht op de Welgemarsch tot aan de Katenbakerberg.
  • 2. Kuurpark:
  • Blick aus St.Peter
  • Het kuurpark met fontein, concertschelp en kuurmogelijkgheden is een bijzonder juweeltje van kuuroord Wildeshausen. Een blik op de nabijgelegen Burgberg laat heel duidelijk de schoonheid zien van dit geheel aan de nabijgelegen Hunte-oever.
  • De Hunte met de talrijke kleurrijke roeiboten en kano’s past harmonisch in het totaalbeeld van het kuurpark. In de zomermaanden vinden hier zondags regelmatig om 11.00 uur de traditionele zomerconcerten van Wildeshausen plaats.













  •  
  • St. Peter
  • MeSt.Peter im Sommert een oecumenisch inwijdingsfeest werd op 27-11-1998 de St. Peterskerk voor kerkdiensten weer feestelijk geopend. Vanaf 02-08-1997 mocht de katholieke kerkgemeenschap genieten van de gastvrijheid van de evangelische St. Alexandergemeente.
     Vanaf augustus 97 moest de St. Peterskerk vanwege instortingsgevaar gesloten blijven. 16 maanden van dure verbouwingswerkzaamheden waren nodig.
    Het is de moeite waard een korte terugblik op de geschiedenis te werpen:
    In 1699 werd de Alexanderkerk definitief evangelisch, luthers, want in dit jaar werd Wildeshausen voorgoed aan de Zweden toegewezen.De katholieken kochten in 1699 een huis met bijgebouw. Uit een schuur ontstond “een gebouw dat op een kerk leek”. In de tijd van de “Hannoveraner”(1700-1803) mochten ze geen eigen kerk oprichten, pas in 1810 kregen ze, onder de heerschappij van Oldenburg, toestemming voor het uitoefenen van de vrije godsdienst, en bouwden een kerk ( op 24-11-1811 ingewijd). Deze echter moest in 1822 ( constructiefouten) gesloten worden. In 1824 tenslotte werd de huidige kerk opgericht, ze kreeg in 1910 de huidige toren. Deze korte terugblik in de geschiedenis liet een lange periode zien van confessionele begrenzing, ook in Wildeshausen. Zoals de oecumenische inwijdingsfeesten van de Sint Peter op indrukwekkende wijze lieten zien, zijn beide gemeenten in Wildeshausen duidelijk dichter naar elkaar toegegroeid. Een “hoopvol teken van waardige oecumene” is een aansporing om ook in de toekomst nauw samen te werken. De tijden van confessionele begrenzing zijn in Wildeshausen voorbij, god zei dank” (R. Gryczan/H.Holtmann).
  • Voor de St. Peter aan de “Lutgen plaats” valt ons een oude pomp op, die naast een kastanjeboom staat. Deze pompen waren typisch voor de toenmalige akkerbouwstad Wildeshausen:
     
  • Pompgemeenschappen
     
  • Buiten Brunnen querde dubbele bron op het marktplein, voorzagen 18 andere pompen de huishoudens van water. Op een gegeven ogenblik zorgden 10 tot 14 huiseigenaren als “pompgemeenschap” voor het functioneren van “hun” pompen. Om de beurt was er een uit deze gemeenschap “pompmeester” met de overeenkomstige verplichtingen. Hij moest b.v. de pomp winterklaar maken en bij gladheid rondom de pomp, strooien. In 1972 begonnen inwoners de oude traditie van de “pompgemeenschappen” nieuw leven in te blazen en restaureerden oude cooperatiepompen. De huidige pompgemeenschappen Swienemarkt, Bolzensack, Kattenbuddel, Alexanderbrunnen en Kantorsbrunnen, hebben dat te danken aan deze nostalgie. De pompen verrijken enerzijds het stadsbeeld, anderzijds vinden de pompgemeenschappen genoeg aanleiding , vanuit de handhaving van hun plichten, om steeds weer “nat-vrolijke” bijeenkomsten te vinden.
  • We gaan naar rechts, de Burgstraat naar beneden af en zijn na ca. 150 m op het marktplein.


  •  
  • Marktplein
     
  • HeBrunnen-Alte Apt middelpunt van het historische Wildeshausen vormt het marktplein met zijn, voor Wildeshausen karakteristieke, stempel. Naar Westfaalse aard staan de puntgevels van de huizen met de voorgevel naar de straat toe. Stenen voorgevels zijn in de plaats gekomen van de vroegere houten gevels. Nu bepaalt de marktbron uit 1747 van meester Theophil uit Bremen dit plein. Deze bron werd als drinkwaterbron voor mens en dier gebruikt, aan de “Vlaamse handelsstraat”. In de heidense prehistorie stond hier, volgens een oude sage, een Irmenzuil. Na de verovering van Wildeshausen door Munster, werd op het marktplein in 1529 burgemeester Jakob Lickenberg terechtgesteld. Een steen op de grond herinnert daar nog aan. Het in 1990 gebouwde stadhuis met klokken en figurenspel geeft het marktplein de vroegere eensgezindheid weer terug.




  •  
  • Waltbert
     
  • AanWaltbert mit Kind de Westerstraat zien wij een imposant bronzen plastiek, dikwijls door spelende kinderen omgeven: onze Waltbert, naast Alexander en Wittekind tot het Wildeshauser “driespan” behorend. Het jaar 851 was voor de middeleeuwse geschiedenis van Wildeshausen van baanbrekende betekenis:Waltbert, kleinzoon van hertog Wittekind van Sachsen, bracht de relikwieën van de heilige Alexander van Rome naar Wildeshausen, om de kerstening van onze toen maar dun bevolkte gebied te eisen. Het plastiek laat Waltbert te paard zien, in zijn handen het “Alexander –relekwie”. Daarbij in ronde vormen zijn naam, niet te overzien het jaartal 851 en het onderschrift “Translatio”. Door monniken uit Fulda werd eens de “Translatio Alexandri” heel uitvoerig beschreven. Het bronzen werk van de kunstenares uit Bremen…. is wel het meest opvallende kunstwerk in het kader van de vernieuwing van onze binnenstad. Op het marktplein staand moeten we zeker het klokkenspel aan de noordgevel gaan beleven. Zoals overal in Wildeshausen, laat ons ook het klokkenspel de betekenis van het gilde van 1403 zien.












  •  
  • Het klokkenspel
  • DeGlockenspiel mit Figurenumlauf noordgevel van het nieuwe stadhuis(1990) siert een klokkenspel
  • met ronddraaiende figuren. Het herinnert aan het leven van de burgers in de geschiedenis van deze stad. Als eerste verschijnt bisschop Hildebold uit Bremen. Hij schenkt in 1270 de stadsrechten en ook het plein voor de bouw van een raadhuis. Vanzelfsprekend ontbreekt het schuttersgilde van 1403 niet, met officieren, trommelaars en wachtsoldaten.
  • Een schaapsherder met schaap verschijnt, een vrouwelijke leerlooier, een boer en een koopman met paard en wagen. De avondvoorstelling wordt afgesloten door de nachtwaker met hoorn. Het totaalconcept van het klokkenspel danken wij aan de samenwerking van onze vereniging Dungstrup met het stadscomité. Het klokkenspel doet steeds weer de voorbijgangers stilstaan en naar de bekende melodieën luisteren.
  • In dit verband dus ook een beetje naar ons gilde.
  • Gildefeest ( pinkUlli2steren):
  • “Nog … dagen tot pinksteren:.
  • Heel wat mensen uit Wildeshausen kunnen deze zin steeds correct aanvullen. Pinksteren, dat betekent voor “ de oude mensen uit Wildeshausen” hun Gildefeest met Pinksteren, de hele pinksterweek. Het schuttersgilde van 1403 heeft tot op de huidige dag een bijzondere relatie met de traditiebewuste Wittekindstad: De burgemeester is de generaal van het schuttersgilde, de stadsdirecteur”chef van het protocol” (majoor). Zo kun je de uitspraak begrijpen: “De stad Wildeshausen is het schuttersgilde, en het schuttersgilde is de stad Wildeshausen”.In de geschiedenisband van de vernieuwde binnenstad staat het schuttersgilde in de vorm van een bijzonder kunswerk , het granieten plastiek ” Cilinder” van A. Boldt. Het jaartal 1403 in de geschiedenisband herinnert op deze plaats aan de “ tienduizend- ridders-broederschap” waaruit zich het huidige schuttersgilde van 1403 heeft ontwikkeld.

  •  
  • Historisch raadhuis:
    Rath.seitl
    Het historische raadhuis (14de/15de eeuw), een bakstenen gebouw van dikke bakstenen in kloosterformaat met een markante gotische trapgevel, geeft het marktplein een typerend karakter. Toen in 1270 aartsbisschop Hildebold van Bremen, Wildeshausen stadsrechten verleende, schonk hij hen het terrein voor de bouw van het raadhuis. Wildeshausen behoorde dan ook lang bij Bremen, en ter herinnering aan deze schenking sierde oorspronkelijk - in plaats van de huidige windwijzer - een hoge ijzeren stang met de sleutel van Bremen, de raadhuisgevel. In de tijd, toen Wildeshausen nog een eigen rechtbank bezat, was het raadhuis gerechtslokaal en gevangenis. Tegenwoordig is boven in de raadhuiszaal “de beste kamer” van de stad en deze dient de raadsheren als zittingszaal.
  • Als van oudsher is, in de tijd van de gildefeesten met Pinksteren, het oude raadhuis helemaal betrokken bij de festiviteiten. Zoals op andere plaatsen in de middeleeuwen de gewoonte was, werden ook bij ons in het raadhuis b.v. schandpaal en ijzeren halsband gebruikt, evenals een rechtsstoel. Alles, als ware het middeleeuwse “standaardinrichtingen”. Hier in het historische raadhuis bevindt zich ook ons VVV-kantoor. (tel.04431-6564-fax: 929264).
  • Over het gildeplein ( parkeerplaats) begeven wij ons nu naar de Wittekindstraat, slaan daar links af en na ca. 100 m staan we voor het 1ste randewijnstokerijmuseum. Een bezoek is zeker de moeite waard; hier komt enige informatie daarover:

  • Brandewijnstokerijmuseum:
    Brennerei-Außenansicht
    Het brandewijnstokerijmuseum is zoals het drukkerijmuseum van een bijzondere originaliteit. Deze stokerij zou morgen weer de schnaps, met een hoog alcoholpercentage, van de stokersfamilie Kolloge kunnen produceren, die (naar men zegt) “geen kater kent”. Echter niet de “schnapsfabriek” maakt dit, uiterlijk al als een museum aandoend gebouw, tot een museum. De hele productie installatie stamt uit de tijd van de industriele revolutie, toen door de uitvinding van de stoommachine, het moderne industriele tijdperk aanbrak. Een enkele machine dreef nu een groot aantal andere aan, wat toen economische en sociale gevolgen van geweldige omvang teweeg bracht, o.a. een verpaupering van onvoorstelbare omvang. Uiteindelijk was dit het begin van het communisme van K.Marx en Fr. Engels. De hele installatie stelt een technisch cultuurmonument voor. De stokerij, die uit meerdere veriepingen bestaat, is dusdanig in de architectonische installatie ingepast, zodat gebouw en bedrijfsinrichtingen een onlosmakelijk eenheid vormen. De wezenlijke bestanddelen van de installatie, de zuigerstoommachine met slingerregulateur, die vooraan staat, stammen uit de begintijd en zijn vertegenwoordigers van een afgesloten tijdperk uit de geschiedenis van de techniek.Zo beoordeelt het instituut voor monumentenzorg deze getuigenis van de tijd.
  • Openingstijden: Mei tot september: zondags van 15-18.00 uur. (groepen op afspraak)Contactpersoon: F. Wappler, tel. 04431-1744   Brandewijn, die geen Kater kent..?   
  • De Wittekindstraat leidt naar de Huntestraat. Vanaf de Evron-brug (genoemd naar onze zusterstad Evron!) kijken we rechts op het oude stadsdeel “Zwischenbrucken”.
     
  •  Zwischenbrucken:
    Zwischenbrücken im Mittelalter
    Vroeger splitste zich de Hunte bij Wildeshausen in twee delen. Daartussen lag een rij huizen, het huidige stadsdeel “Zwischenbrucken”. Het vormde toen een eigen gemeenschap met een zekere zelfstandigheid en eigen gerechtshof. Dit eindigde aan de 4de plank van de Huntebrug. “Tegenwoordig trekken de Zwischenbrucker” met carnaval nog in een feestelijke optocht, twee aan twee, in rokkostuum en cilinderhoed naar het raadhuis, en hier wordt ieder jaar opnieuw de burgemeester van Zwischenbrucken beëdigd en aan de plichten van zijn ambt herinnerd, nadat hij aan de raad van de stad Wildeshausen zijn inzet en toewijding getoond heeft.” ( K. Sprengel, gids door Wildeshausen en omgeving. 1927). Op deze “Rosenmontag” hebben de kinderen van dit stadsdeel nu nog vrij van school..Door particuliere initiatieven is de elektrische centrale voor sloop behoed. In de gids van Wildeshausen uit 1913 lezen wij over een origineel gebruik van deze elektrische centrale. “De elektrische centrale van Wildeshausen schakelt een ogenblik het licht uit en brengt op deze manier de nieuwjaarsgroet. Dan weet men, als de klok geslagen heeft, dat men elkaar een gelukkig nieuwjaar kan wensen.”   
                  
  • De Wester- en de Huntestraat
     
  • De WWesterstraße-Blick zu St. Alexanderester- en de Huntestraat zijn de “hoofdstraten” van Wildeshausen. In de middeleeuwen was deze verkeersroute een deel van de belangrijke handelsstraat Vlaamse straat. In 1995 volgde de wijziging van de B213 tot een stadsstraat. Beide straten zijn nu een verkeersarme zone met voetgangerszone. Wildeshausen wordt over het algemeen om zijn nieuwe binnenstad benijd.
    Bomen aan beide zijden hebben het karakter als “hoofdstraat” weer vorm gegeven. Het gemotoriseerde verkeer is verminderd en er is een voetgangerszone.
    In het noordwestelijke voetpad van de “Wittekindstraat” accentueert een 560 m lange “Geschiedenisband” van graniet, de verbondenheid met de geschiedenis van Wildeshausen, vanaf de vroege en prehistorie tot heden. De beeldhouwwerken, die daar opgesteld zijn, beelden een speciaal thema uit voortkomend uit de geschiedenis van Wildeshausen. In het voetpad, dat oostwaarts loopt, kabbelt een 40 cm brede en 12 cm diepe waterloop.
    Bronwaterelementen aan het begin en het einde, maken het element water actueel. Een poort maakt de oude wal,die vroeger het stadscentrum afsloot, weer zichtbaar. In de buurt van de “Wittekindkruising” begrenst een nieuwe poort de ingang tot de binnenste stadskern.
  • Rijweg en voetpad zijn in het hele gebied van deze beide straten niet van elkaar gescheiden, er zijn geen trottoirbanden. De Huntestraat is door originele zintuiglijke ervaringsobjecten aardig vormgegeven. 
  • We gaan door de gestileerde poort bij deze kruising en volgen langzaam de geschiedenisband, richting stad.
  • De geschiedenisband
     
  • De geschieBlick durch d. Stele (Synagoge einmontiert)denisband in de bestrating van de Hunte-en Westerstraat, is een 560 m lang pad van Chinese graniet. Het geeft duidelijk, de verbondenheid in de geschiedenis van Wildeshausen weer, van de vroege en prehistorie tot in het heden. Er zijn beeldhouwsculpturen opgesteld, die passen bij enige markante geschiedenisthema’s van Wildeshausen. Deze kunstobjecten zijn het resultaat van een kunstwedstrijd:
  • De “Granitstele” van C. Bruhns in de Huntestraat, herinnert aan de verwoesting van de synagoge van Wildeshausen op 10 nov. 1938, dus de dag na de “Kristallnacht”. En wij stonden er allemaal bij en keken er naar”, aldus luidt de spreuk in het “kijkgat” van de steen en herinnert aan onze ‘toeschouwermentaliteit”, toen en nu. Ingegraveerd zijn de namen van joodse medeburgers uit Wildeshausen, slachtoffers van onze “toeschouwermentaliteit”. De “Wittekindstad” toont met deze steen een donkere episode uit haar geschiedenis.Het bronzen plastiek Waltbert, vertegenwoordigt een van de meest bekende persoonlijkheden, die de geschiedenis van Wildeshausen heeft voortgebracht. Deze kleinzoon van de hertog van Sachsen, Wittekind bracht in 851 de relikwieën van de heilige Alexander van Rome naar Wildeshausen, om de kerstening van de plaats op te eisen. Kinderen hebben Waltbert al lang als “speelkameraadje” ontdekt.De cilinder (A.Boldt) is symbool voor de zwarte jas, het schuttersgilde van 1403 uit Wildeshausen, dat zich uit de tienduizend-ridders-broederschapontwikkelde.

    Bij de” kogelbron” ( voor de Volksbank) slaan we rechts af naar de Alexanderkerk
  • Omgeving Alexanderkerk
     
  • Over dRemter mit Kantorsbogene Kerkstraat bereiken we de “heerlijkheid”, het met hoge lindebomen beplante kerkplein van de Alexanderkerk. De, uit machtige granieten blokken gebouwde, westelijke toren en het hele gebouw, worden door een breed groen grasveld, als het ware, uit de omgeving getild. Oorspronkelijk bezat de kerk twee torens, die echter in 1214 en 1219 verwoest zijn. Het wapen van Wildeshausen herinnert nog aan beide torens. In 1224 al, ontstond de huidige, imposante toren.
  • De “Remter”, in de volksmond lang nog “oud klooster” genoemd, en de “kerkbogen” sluiten direct op de kerk aan. De “Remter”      ( Kapittelhuis) is tussen 900 en 1000 ontstaan en is het oudst bewoonde gebouw van het Oldenburger land. In de middeleeuwen bevonden zich hier de eet en slaapzaal van de kanunniken ( koorheren), dus de kloosterlingen.
  • Geleid door een abt, leidden ze een geestelijk leven als een monnik. De Alexanderkerk met haar hele omgeving kan beschouwd worden als een van de mooiste, middeleeuwse kerken van Noord-Duitsland.

  •  
  • De Alexanderkerk
     
  • De stichAlexanderkirch-Gesamtansichtting van de Alexanderkerk is al in de tijd van de Karolingen ( Karel de Grote +814).
    Waltbert, kleinzoon van de hertog van Sachsen, Wittekind (+807), bracht de relikwieën van de heilige Alexander van Rome, over de Alpen naar Wildeshausen. Alexander was, zoals zijn moeder en zijn broers, de marteldood gestorven, ten tijde van de christenvervolgingen uit de tweede eeuw.
    Waltbert stichtte in Wildeshausen een klooster van koorheren ( Alexander-kapittel). Het zou moeten dienen voor de kerstening van de omliggende gebieden. ( Lerigau, Largau) Wildeshausen werd een belangrijke middeleeuwse bedevaartsplaats, wat de stad economische bloei bracht. Kerk en klooster bezaten grote schatten en kostbaarheden. Kerk en kapittelzaal ( nu sacristie) waren rijkelijk met beelden opgesierd. Door de beeldenstormen, de 30-jarige oorlog en de tijd van de Zweden ging veel verloren.
    De Alexanderkerk is de enige basiliek in het Oldenburger land. Haar bouwstijl toont de overgang van de romantische naar de gotische bouwwijze. Aan de voltooiing in het jaar 1270 is derhalve een lange bouwtijd voorafgegaan. Renovaties brachten kunsthistorisch gezien, zeer waardevolle middeleeuwse fresco’s aan het licht.
    De Alexanderkerk is het grootste kunstwerk van Wildeshausen, ver buiten Noord-Duitsland bekend. Liefhebbers van kerkmuziek waarderen de kerkconcerten, vooral de orgelconcerten op het in 1970 nieuw geïnstalleerde “Kleukerorgel”.
  • Alexanderkerk; het interieur
     
  • We Alexanderkirche - Innereskomen de kerk binnen door de zware koperen deur van de westelijke aanbouw, voor ons een brede glazen wand. In helder wit ligt het interieur van de kerk voor ons. Direct in het oog springt het machtige gotische triomfkruis ( eiken hout, 4, 20m 3.20m). Onder het kruis van de twaalf apostelen, het altaar, daarnaast de eenvoudige kansel ( beide van G. Schreiter, Bremen). Achter het altaar, bevindt zich de gotische doopvont. Het glazen raam beheerst de koorruimte ( Jugendstil). Afgebeeld zijn Christus, de vier evangelisten en taferelen uit het martelaarschap van de heilige Alexander. Het laatgotische levietengestoelte en het tabernakel hebben het vandalisme van de beeldenstormers doorstaan, in het bijzonder ook de pelikaan bovenop het tabernakel ( symbool voor de opofferende dood van Christus). De lege deurtjes van het tabernakel en het houten reliëf van de relikwieënschrijn ( vroeger met edelstenen versierd!) herinneren nog aan de zinloze verwoestingwoede van toen.
  • Van heel bijzondere cultuurhistorische waarde zijn de middeleeuwse fresco’s in de St. Alexander. In de eigenlijke kerk zijn afgebeeld: Maria en Elisabeth, de heilige drie-eenheid en de heilige Catharina. Alle drie ongeveer 15 de eeuw. De kapittelzaal van het voormalige klooster van de koorheren is nu sacristie en hoort bij de “Remter”(klooster). Zo zijn ook de schilderingen van de sacristie van oudere data ( midden, respectievelijk einde 13de eeuw).
  • Noemenswaardig is hier vooral de “ruiterafbeelding met valk op de jacht”, vermoedelijk deel van een grotere afbeelding (legende van de drie levenden en de drie doden). De schilderingen hadden toen een praktisch doel; er konden maar een paar mensen lezen en schrijven. Ze waren “de bijbel van de armen” ( biblia pauperum), de catechismus voor de analfabeten.
  • Over de ”Nachtigallenweg” bereiken we even later de “Dusternstrasse” en gaan daar rechts af. Aan de rechterkant de pomp van de pompengemeenschap “Kattenbuddel”. Enkele meters verder bereiken we, als we naar links gaan, de wal en gaan dan links af…
  • De wal
    Wallgraben
  • Een met hoge eiken en beuken bestaande wal, omringt nu nog een groot deel van de oude stadskern en geeft met een diepe, droge sloot een overzicht van vroegere versterkingen.
  • In de middeleeuwen dienden de wallen , in verbinding met de stadsmuur, als verdediging; ze behoorden dus tot de waterkeringinstallatie. Oorspronkelijk was het terrein ( 9de eeuw) om de Alexanderkerk slechts afgeschermd met een schutting van houten planken; maar de “Wildeshauser” bouwden in de 13de eeuw al de eerste muur voor de hele stad. Ze moest bij mogelijke vetes bescherming bieden. In 1529 verloor Wildeshausen de stadsrechten, de muur moest worden afgebroken. De moord op een geestelijke was daar aan voorafgegaan. Een rechtbank sprak over de dienstplichtige mannen uit Wildeshausen de ban uit en burgemeester Lickenberg werd op het marktplein
  • terechtgesteld. In 1544 echter mocht toch, ter bescherming van de stad, een stadswal met gracht aangelegd worden. Het water voor de gracht werd door de “Hunte” geleverd. Nu nog is de wal als brede groene gordel duidelijk te herkennen, zoals hij eens als begrenzing van de oude stadskern diende. De Hunte vulde als het ware, als “natuurlijke bescherming” aan de beide elementen van de stadsversterking, muur en wal. Dus kunnen we nu over de linie “wal, stadspark, wandelweg aan de Hunte” rondom de oude stadskern lopen.


  •  
  • Drukkerijmuseum
  • “OriDruck.Musginelen doen het goed”, zo ook het drukkerijmuseum van Wildeshausen.
  • Dit museum is geen verzamelplaats van tentoonstellingen zonder functie. De hele drukkerij zou direct weer kunnen werken, zoals tot het jaar 1987, toen hier nog de “Wildeshauser krant gedrukt werd. Alle apparaten en machines functioneren goed. Hier beleeft de bezoeker weer de ontwikkeling van de boekdrukkunst, tot aan de invoering van het fotozetten, de grootste technische revolutie sinds Gutenberg in 1445. De tentoongestelde drukmachines maken indruk: Op de houten spinnewielpers werd tot 1860 de weekkrant “de Hunte” gedrukt, op de originele cilinderautomaten uit Heidelberg, later de krant van Wildeshausen, naar de eigenaar ook liefdevol “Loschen-Times” genoemd. Enkele tentoonstellingsstukken worden nog met vaktermen genoemd: “Handboston, Bostontiegel, Heidelberger Tiegelautomat, Kniehebelpresse.” Ook de handzetterij is breed opgezet. Ze bevat b.v. talrijke stellingkasten met “Handsatz-,Steck-en Plakatschriften”. De stereotiepen toont: smeltkroes, frees en zaagmachine. Niet te vergeten het terrein van de boekbinderij. Als u vooruit bespreekt, is het drukkerijmuseum te bezichtigen; voor groepen bestaat de mogelijkheid tot een vakkundige rondleiding.  Tel. 98910.
  • Grafveld van Pestrup
     
  • Ook in de bronstijd, toen brons in Gräberfeld mit Heideblütede plaats kwam van het moeizaam vervaardigde stenen gereedschap, bleven de bewoners dit landschap trouw. Hun doden begroeven ze nu in grafvelden , zoals in het Pestruper grafveld, ca. 800m van de Hunte verwijderd, wat uniek was in heel Europa. Meer dan 500 grafheuvels van verschillende vorm en grootte, zijn nu nog getuigen van deze nederzetting, die ongeveer 600 jaar voor onze tijdrekening, de urnen met de as opnam. Voor een enkele urn stapelde men een heuvel van graszoden op. Bij het onderzoek van de “koningsheuvel” werden sporen gevonden uit de jongere steentijd (1900 v.Chr.) en rituele ploegsporen (dodencultus) uit de bronstijd (1100 –700 v.Chr.)
  •   Bij de “koningsheuvel” gaat het om begrafenissen uit verschillende tijden ( laat brons tot voor de Romeinse ijzertijd).
  •   De boeren, veefokkers, jagers en vissers in de bronstijd, waren Tijdgenoten van “Otzis” uit het gletscherijs. We noemen ze toch eenvoudig Wildi en Geesta van de Wildeshauser Geest! In ieder geval wisten ze toen al: in Wildeshausen en omgeving is het goed leven.
  • Schaapskooi bij Wildeshausen
     
  • De Wildeshauser Geest bedekte vroeger heel veel heidevlaktes; daar hoorde ook de schaapskudde bij. De schapen waren in een schaaSchafkoben am Gräberfeld mit Rauhreifpskooi ondergebracht. De fundamenten bestonden uit dikke zwerfstenen, die vast in de grond lagen en het ver naar beneden gekomen strooien dak droegen. De nok was bedekt met heidekruid. Heideplaggen dienden voor de dieren als stro.

    Deze, met schaapsmest doordrenkte, plaggen werden op het land gebracht om de schrale zandbodem te bemesten. 
  • De uitvinding van kunstmest maakte deze vorm van mest fabriceren later overbodig. Het aantal schaapskuddes liep al gauw sterk terug, de schaapskooien werden ondoelmatig gebruikt.
  • Ook in het gebied rond Wildeshausen vinden we nog schaapskooien,b.v. de Schaapskooi bij het grafveld van Pestrup, die nu nog dient als onderkomen van een kudde. De schaapskooi bij Holshausen is de verzamelplaats van treekvereniging Dungstrup, die beide met veel plezier onderhoudt.
  • Opgravingen(1934-1939) tussen wetenschap en ideologie
  • “De grote stenen” van Kleinenkneten behoren tot de meest in het oog lopende archeologische monumenten in de Wildeshauser Geest. Ze werden tussen 1934 en 1939 uitgegraven, omdat een architect uit Oldenburg beweerde, dat het geen graven waren uit de jongste steentijd, maar “Germaanse godshuizen”. De discussie tussen de wetenschappers en de “fantasten” spitste zich vooral ook toe, omdat ze in de tijd van het Nationaal Socialisme viel. Het Nationaal Socialisme probeerde steeds meer het onderzoek naar de prehistorie ideologisch te beïnvloeden en gelijk te schakelen. Zo is de geschiedenis van de opgraving van “Kleinenkneten” ook de geschiedenis van samenwerking en discussie tussen wetenschap en ideologie in de tijd van het Nationaal Socialisme.
  • (Prof.Dr. Wegner, streekmuseum Niedersachsen, Hannover).
  • “Kleinenkneter Steine”
  • Kleinenknet Steine I
  • Hunebed I:
  • Opgravingen in de 30er jaren leidden tot het resultaat, dat zich tussen de lange stenen rijen
  • 49mx7m) slechts een relatief kleine grafkamer bevond, voor het overige opgehoopte aarde.
  • Na het graven werd dit hunebed zo gereconstrueerd, zoals het er in de tijd van de jongste steentijd uitgezien zou hebben. Door een smalle gang is de grafkamer te bereiken. Deze toegang was oorspronkelijk door een grote steen afsluitbaar. Hiervoor werden ca. 280 ton graniet=19 spoorwegwagons en 280 ton aarde (100 spoorwegwagons) gebruikt.


  • Hunebed II:
  • Dit meKleinenkneter Steine IIgalieten graf heeft meteen drie grafkamers. Deze bevinding maakt het graf trouwens bekend als enig in zijn soort. Grafvondsten waren vaten en vuursteengereedschap uit de “trechterbekercultuur”; tegenwoordig in het museum voor natuurkunde en vroege geschiedenis in Oldenburg.








  • Bargloy; monumenten uit de vroege geschiedenis:
  • De stenSteinkisteen kist van Bargloy dateert uit de eindfase van de jongere steentijd. In deze tijd bouwde men heel kleine grafkisten, zogenaamde stenen kisten, treurige vormen van de grote stenen graven. De stenen kisten in Bargloy vertonen langzaamaan de overgangsfase van het stenen naar het bronzen tijdperk. Duidelijk is de traditie te zien van stenen bouwen in de jongste steentijd: stenen platen van 2x1,5m groot liggen diep in de grond.
  • Opvallend bij deze constructie is vooral de deksteen met zijn, door stenen boren verkregen, 25 komvormige inkepingen. Deze stellen vermoedelijk religieuze voorstellingen en gebruiken voor. Mogelijkerwijs fungeerde deze komvormige steen als offeraltaar voor een religieuze cultushandeling. Een in 1820 uitgevoerde afgraving, bracht hier een zwaard, 9 pijlpunten, een bronzen naald en een bronzen ring uit de vroege bronstijd, aan het licht.
  • De hoge stenen, een ganggraf van het “emslandische” type, met ovalen omlijsting, zijn bijzonder imposant en indrukwekkend. Ook in dit graf (22mx10m) uit de jongste steentijd (2500-2000 v. Chr.) vond men begrafenisvoorwerpen uit het ijzeren tijdperk.
  • De boerengemeenschap Bargloy is een oeroud vestigingsgebied; want de nabijgelegen “Brookbake” zorgde het hele jaar door voor de waterhuishouding. Nu is de idyllische ruiterplaats een heel geliefd vakantiedoel voor de poorten van de “Wittekindstadt”.
  • Bargloy:

  • De plaats Bargloy is een echt oorspronkelijke boerengemeenschap van Wildeshausen.
  • Ruiters bepalen het straatbeeld. Machtige eiken en beuken omzomen de plaatsingang en sieren de grote grondpercelen. Sierlijke met riet bedekte, landschapbepalende vaBargloy 12kwerkhuizen van boeren oorsprong, passen naadloos in de boeren gemeenschap.
  • Vanwege de bijzondere idylle van deze plaats hebben vakantiegasten al lang deze natuurlijke en dicht bij de stad liggende (1 km) gemeenschap als vakantieplaats ontdekt.
  • Onder archeologen is de plaats vooral bekend vanwege de prehistorische stenen nederzetting. (stenen kisten, hoge stenen).
  • Typisch voor dit landschap: de huizen met de rietendaken.
  • Landschaptyperend voor het gebied rond Wildeshausen zijn de met riet gedekte boerderijen en huizen met hun nevengebouwen, die dikwijls ook een traditioneel rieten dak hebben. Omgeven door machtige beuken en eiken bepalen deze gebouwen het landschap rond Wildeshausen. Enkele voorbeelden:
  • Een opmerkelijke boerderij is Hof Ahlers in Pestrup bij Wildeshausen: De voorgevel van het met riet gedekte huis stamt uit het jaar 1747. De boerderij is nog in bedrijf.
  • De grootste (voormalige) boerderij in Bargloy behoorde aan “Doppelhof Muller-Bargloy, sinds enige jaren door de nieuwe eigenaar omgebouwd tot een woonhuis en zakenpand en flink gerenoveerd. Nog een grote oormalige)  boerderij Is de “Eichenhof”, intussen eveneens kostbaar gerenoveerd.
  • Ook een oude, met riet gedekte, schuur kon in Bargloy van verval gered worden.
  • Nu is dit huis met rieten dak (nr.12) een vakantiewoning voor vakantiegangers in de ruiterplaats Bargloy. Het originele huisje met rieten dak, op een stuk grond van 2000 vierkante meter, met oorspronkelijke beuken en eiken heeft ramen met meer dan 350 spijlen.
  • PS. In het schilderachtige naburige dorp Dotlingen ziet men veel huizen met rieten daken.

  • Düngstrup
  • Kriegerdenkmal in Düngstrup
  • In Düngstrup speelt de landbouw ook nu nog een belangrijke rol. De boerengemeenschap behoort tot de plaatsen met de meeste paarden.
  • Eerst waren er in 872 in “Dungestorpe” twee boerderijen; sinds de 16de eeuw zijn het er al zeven.

  • Rond 1900 telt Dungstrup al 18 huishoudens met 108 inwoners. De boerengemeenschap kreeg een bijzondere betekenis, toen hier, van 1850 tot 1934, de plattelandsgemeente haar centrale zitting had.

  • In het centrum valt vooral het imposante oorlogsgedenkteken op, een heel bijzondere getuigenis uit die tijd. Opmerkelijk zijn hier de inscripties als getuigen van het toenmalige denken tussen de beide wereldoorlogen. De inscripties geven ons nu te denken.

  • Noemenswaardig is de plaatselijke vereniging “Dungstrup”, hij verrijkt, door veelvuldige activiteiten, het culturele leven van de “Wittekindstad” onafzienbaar.






  • Dötlingen
     
  • Wie Wildeshausen bezoekt, mag ons schilderachtige buurdorp Dotlingen niet missen.
  • Het dorp Dotlingen, pas in 1203 vermeld, ligt 6 km van Wildeshausen, een dorp als uit een prentenboek, schilderachtig tegen de helling van de “Hunte”. Vanaf de eeuwwisseling tot 1914 was het een kunstenaarskolonie; hier werkten o.a. de schilders Muller vom Siel, Otto Pankok, Karl Dehmann en August Kaufhold. Onder hoge eiken en beuken bevinden zich nog talrijke vakwerkhuizen met strooien daken in de stijl van “Niedersachsen”, zoals in de dorpskern het grootste “Niedersachsenhuis” in vierkante bouwwijze, de “Tabkenhof” ( 58 m lang, 17 m breed), met daarvoor de duizendjarige dorpseiken.
    De kleine, maar toch indrukwekkende “Feldsteinkerk” St. Firminus dateert uit het jaar 1100. De lompe toren en de kleine ramen zijn van oorsprong Romaans; latere verlengingen van het kerkschip brachten gotische stijlelementen voort. Vanuit de vroegste bewoning van Dotlingen zijn 11 graven getuigen uit de jongste steentijd. Zoals Wildeshausen, is ook Dotlingen een geliefd vakantieoord in de “Wildeshauser Geest”. ( tel. 04432-950-fax.950-100).
  • Dotlingen - St. Firminus
  • De kerk is genoemd naar de heilige FirSt. Firminus mit Eiche...minus, bisschop van Amiens, die in de 4de eeuw, de marteldood op de brandstapel stierf. De Dotlinger Firminus-kerk is pas in 1270 in aktes vastgelegd, toen de inwendige ruimte, om de huidige gotische altaarruimte, al verwijderd was.
  • Het oudste deel met vroeg Romaanse elementen, stamt uit 1100. De Gotische aanbouw volgde rond 1250. Zoals bij deze kerken gebruikelijk, hangt de deur in het westelijk deel, sommige muren zijn 1.80 hoog. Tot 1949 lagen er boven op de toren nog half ronde pannen (zgn. “monnik’ en ‘non’). Typisch voor de vroeg Romaanse bouwkunst zijn buiten de geweldige granieten blokken, binnen de gladde granieten stenen.

  • Tussenruimtes werden met kalkspecie en schoonmetselwerk opgevuld. Binnen valt het rijkversierde barokke altaar op, in opvallende tegenstelling tot de eenvoudige imposante muren van de Firminus-kerk. Rond 1613 zijn waarschijnlijk de galerijen ingebouwd. Door de beweging tegen de hervorming, “vluchten” veel aanhangers van Luther, b.v. uit Wildeshausen, voor een kerkdienst naar Dotlingen. Daardoor was de heilige Ferminus te klein geworden.
  • Dotlingen-algemeen
  • DotlingenPüttenhaus werd voor de eerste keer als “Thutelinge” 1203 aangeduid. Landschappelijk de moeite waard, is de plaats tegenwoordig voor de vakantieganger een bijzonder gastvrije gemeente. Bekend is de gastronomie met zijn culinaire specialiteiten. Talrijke landelijke restaurants serveren in het voorjaar b.v. gerechten met asperges (direct van het land), er staan ook wild-en visspecialiteiten op de menukaart. Niet te vergeten de kooltochten, zodra de eerste vorst de boerenkool “rijp” heeft gemaakt.
  • Geserveerd met worst, casseler, spek en “pinkel”(worst) is juist Dotlingen voor dit gerecht uit Oldenburg de eerste plaats.
  • Landschappelijk bevoorrecht, is de romantische plaats door zijn aantrekkelijke omgeving met imposante bossen, heidevelden en venen. Heel in het bijzonder bepaalt de ligging aan de Hunte het schilderachtige dorpje met een groot aantal oude huisjes met rieten daken.                                                   
  • Voor de 1ste wereldoorlog was Dotlingen al een kunstenaarsoord, ook nu nog komen mensen, die geïnteresseerd zijn in kunst, graag naar de galerieën. Een cultureel middelpunt van bijzondere aard is het “Puttenhaus”.Ambachtelijk werk van potten, weefkunst en sieraden, zijn hier b.v. regelmatig te bewonderen. Vanwege het bijzondere karakter van deze kleine huisjes worden hier ook al geruime tijd huwelijken voltrokken.
  • Dit landschap nodigt uit om te wandelen, fietsen en natuurlijk paard rijden. Ook op de Hunte zijn kanovaarders niet meer weg te denken en vissers proberen hier, en aan de talrijke visvijvers ,hun geluk.

    Huntemotieven
  • De “Hunte” ontspringt op de zuidzijde van het “Wiehen”gebergte, stroomt dwars door het gebergte en het “Dummer”meer en slingert verder doHunte mit Kuhor het Oldenburgerland, om tenslotte bij Elsfleth in de Weser uit te monden.
  • Weliswaar heeft de rivier in de 30-er jaren door het recht maken, talrijke meanders en daarmee ook veel schoonheid verloren.
  • Een natuurparadijs is de Hunte toch gebleven.
  • Niet in de laatste plaats om redenen ter bescherming van hoog water, denkt men nu ook weer aan de zin en het nut van het slijpen.
  • Zo worden steeds meer “dode” rivierarmen weer aan de rivier “aangesloten”. Zo krijgt de natuur gedeeltelijk weer terug, wat haar eens lichtvaardig ontnomen is: schoonheid en natuurlijkheid. Dus krijgt ook de rijkdom aan planten en diersoorten hier weer een kans. Het diep, in ons glooiende landschap, uitgesneden dal van de Hunte is als vanouds een bepalend landschapselement van de hele streek.Het gebied rond Wildeshausen en Dotlingen kan tot het mooiste gerekend worden. Voor natuurvrienden en hengelaars is het een geluk dat de Hunte in ons gebied nog natuurlijk is. Geen wonder, dat ook kunstenaars uit de schilderskolonie ( Muller van Siel o.a.) uit de tijd voor de 1ste wereldoorlog steeds weer de natuurlijke motieven aan de idyllische Hunte, voor hun schilderijen gebruikt hebben.
  • In de warme maanden bevolken hengelaars en watersporters met roeiboten en kano’s de rivier. ( watersportvereniging Wildeshausen)
  • Onze oude “Hunte
  • Onze gastvrouwen verheugen zich erop om u uit te nodigen!
  • Hunteidylle
  • Neemt u toch even tijd voor een rondwandeling met een gids, door onze mooie stad.
  • b.v. voor een
  • historische stadsontmoeting:
  • Burgberg en Kurpark (blz.4)- “Zwischenbrucken” (blz.10)- Alexanderkerk (blz.13-15),
  • Wall (blz.18), marktplein (blz.7), raadhuis (blz.8), H.Petruskerk (blz.5) Duur: ca. 1,5 uur.
  • rondleiding in de Alexanderkerk en op de “Heerlijkheid” ( blz.13-15)
  • De enige basiliek in het Oldenburger land
  • Rondleiding door de “Kuster”- duur: ca. 45 min.
  •    wandelingen met gids door de “Wildeshauser Geest”
  • wandelingen over een van de zeven wandelwegen, tussen 7 en 14,5 km., keuze tussen heide, marsgrond of “Geest”-duur: ligt aan de gewenste wandeling
  • fietstochten met gids
  • de grote stenen van “Kleinenkneten”(blz.22),-hoge stenen aan de B213 (blz.23), bruid en bruidegom van “Visbeker”en heidense offertafel (blz.23), “Glaner”bruid
  • in Europa uniek: Het grafveld van Pestrup met 500 grafheuvels uit de bronstijd 1800-800 v.Chr. (blz.20)-duur: hangt af van de gewenste tocht tot ca. 45 km.
  • Bovendien speciale rondleidingen in onze drie musea:
  • brandewijnstokerijmuseum (blz.9)
  • drukkerijmuseum (blz.10)
  • museum met elektriciteitscentrale (blz.10)
    In alle musea zijn rondleidingen, na afspraak, mogelijk.
  • Ps. De cijfers tussen haakjes hebben betrekking op de bladzijden van deze gids.
  • Adres voor rondleidingen:
  • 27793 Wildeshausen – vvv. In het historische raadhuis. (tel. 04431-6564)

V - Wildeshausen

historisch raadhuis-27793 Wildeshausen

tel.: 04431-6564-fax: 929264

De vv Wildeshausen heeft als hoofddoel, het bevorderen van het toerisme in Wildeshausen. In het historische raadhuis bevindt zich een kantoor dat aan iedereen informatie kan verstrekken.

Wij bieden u het volgende:

Een informatiestand voor gasten Een brochure met kamers en hotelsAanbiedingen voor dagtochten en weekenden Vakkundige begeleiding va n gasten door onze gastvrouwen (blz.31)

Stadsrondleidingen (blz.4-19)

Tochten naar de cultuurhistorische stadjes (blz.20-23)

(grafveld van Pestrup, de stenen van “Kleinenkneter”, hoge stenen,

de bruid en bruidegom van Visbek)

fiets en wandeltochten onder begeleiding rondleiding in het 1ste Duitse brandewijnstokerijmuseum drukkerijmuseum (blz.9+19)

evenementenkalender fietsverhuur bemiddeling bij ballonvaart koetstochten

kanovaren.
Wildeshausen is aangesloten bij het verbond “natuurpark Wildeshauser Geest”.

Wij bieden u informatie over de omgeving, bezoeken beurzen en tentoonstellingen.

Openingstijden van het kantoor in het historische raadhuis:

Maandag tot vrijdag: 10.00-12.00 uur - 16.00-18.00 uur

(van maart tot september, ook zaterdags van 10.00-12.00 uur)